Gedicht "Esther"

Deze zomer be(s)preekt ds. Kasper Jager het Bijbelboek Esther. Ans Tuitel ontving van een vriend een gedicht over Esther. Het is nogal beeldende taal. Niet zo geschikt om in een kerkdienst te gebruiken, maar we heel mooi om te delen via deze Verbondenheid-blog.

ESTHER

“Brengt de gewaden en juwelen,”
gebiedt ze met haar donkere stem,
“neemt ’t kostbaarste aan stof en stenen
opdat ik schoon mag zijn voor hem!”

Zij ijlen heen, verheugd tot handelen,
de vrouwen, dienend als slavin,
na ’t in zichzelf verzonken wandelen
en zwijgen van hun koningin.

Topazen amethyst, saffieren
in voorhoofdsplaten, keten, kroon,
geslepen tot een glooiend sieren
om toe te treden tot de troon.

Een keur van tedere en trotse kleden
tot violette schemering,
tot gouden mist rondom de leden,
koralen wolk die zonlicht ving.

Zij kiest, en geeft zich aan de handen
die zalven, sieren voor de daad;
zij ziet hun ogen: spiegelwanden
waarin zij puur en prachtig staat,

en schrijdt, met ogen groot van leven,
van aandacht en verdiepte gloed,
met waarlijk koninklijk bewegen
de hof des konings tegemoet.

Zij schrijdt, maar speurt niet met het vallen
der slaven rond haar vorstelijkheid:
zij ziet ’t gebaar der duizendtallen,
de armen smekend uitgebreid,

zij hoort het donker en bewogen
geluid waarin hun hartstocht trilt,
en voelt zich tot een lichte hoogte
vervoerd en duizelend opgetild:

een roep, een rhythme dat haar schrijden
de gang verleent van een godin,
ze weet zich ’t offer dat wil lijden,
hun priesteres, hun koningin.

Zij voelt in zich hoe ’t menselijk bangen
de handen stom ten hemel heft,
en met het goddelijk verlangen
tot redden, flitsend samen treft.

Ze nadert, – het verrast bewegen
des konings spannen ziel en zin, –
zij vat zijn blik en treedt hem tegen,
houdt voor de troon haar schreden in,

maar gaat nog met haar gouden ogen
de paden naar zijn trotse hart,
beheerst maar op het diepst bewogen,
een glanzen dat de sterren tart.

Hij ziet haar aan, – zijn fel begeren
gewekt door zoveel heerlijkheid,
wordt tot een bijna vroom vereren
van onbegrepen majesteit.

Hij reikt de schepter, een gebaren
beslissend over veler lot,
toebuigen dat een volk wil sparen,
en weet niet dat hij buigt voor God.

Lelystraat 49, 8265 BB Kampen

Impressie

© Copyright 2017 . Alle rechten voorbehouden website door web by step

Zoeken